Posts tonen met het label auteursrechten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label auteursrechten. Alle posts tonen

woensdag 21 mei 2014

Verlenging beschermingsduur Wet Naburige Rechten van 50 naar 70 jaar per 1 november 2013

Wetswijziging  

Vanwege de implementatie van de gewijzigde Europese Richtlijn 2006/116/EG betreffende de beschermingsduur van het auteursrecht en bepaalde naburige rechten (Richtlijn 2011/77/EU van het Europees Parlement en de Europese Raad van 27 september 2011) is de beschermingstermijn van de Wet Naburige Rechten verlengd van 50 naar 70 jaar. De wetswijziging is op 9 oktober 2013 in Nederland doorgevoerd. De nieuwe termijn van 70 jaar gaat op zijn vroegst gelden vanaf 1 januari 2014 en heeft gedeeltelijke terugwerkende kracht. De nieuwe termijn geldt voor nieuwe muziekproducties en voor producties waarvan de 50-jaarstermijn op 1 november 2013 nog niet is verstreken (art. 12 Wnr). Voor de Nederlandse situatie betekent dit dat producties vanaf 1964 verlengde bescherming genieten (een uitvoering of productie uit 1964 zal tot 2034 worden beschermd). Hiermee wordt de beschermingsduur van naburige rechten voor een aantal gevallen gelijkgetrokken met de beschermingsduur van auteursrechten. De nieuwe termijn van 70 jaar geldt niet voor producties waarbij sprake is van een combinatie van geluid en beeld (synchronisatie). Dus niet voor audiovisuele producties als een DVD van een concertregistratie, een documentaire of een film, maar wel voor een audio cd of een mp3 stream of download

Ratio 

De ratio voor de verlenging is tweeledig. In de eerste plaats is er het inkomensgat: belanghebbenden kunnen vanwege de 50-jaarstermijn niet gedurende hun hele leven profiteren van inkomsten van hun uitvoering of productie. Mensen die hebben meegewerkt aan succesvolle producties van voor 1963 hebben anno 2013 inmiddels te maken met een verstreken termijn. Daarbij gaat het om hits die nog altijd populair zijn van artiesten als Willy Alberti, Ria Valk, Johnny Hoes, Max van Praag, Anneke Gronloh, Spelbrekers en de Zangeres Zonder Naam. Voor producties vanaf 1964 geldt straks de verlengde termijn van 70 jaar (art. 12 lid 3 Wnr). Gevolg hiervan is dat deze producties minder snel in het publieke domein zullen vallen. Producers van elektronische muziek zijn daarnaast op steeds jongere leeftijd in staat inkomen te genereren uit door hun vervaardigde fonogrammen. Mensen worden in zijn algemeenheid bovendien steeds ouder.  
In de tweede plaats het continuïteitsargument: de Europese Commissie is van mening dat de extra inkomsten die platenproducenten ontvangen door verlenging van de termijn zullen worden geïnvesteerd in nieuw talent. Bovendien is de oprekking van een termijn mede een compensatie voor gedaalde inkomsten vanwege peer-to-peer uitwisseling van muziekbestanden. De filmindustrie en de omroepen hebben volgens de Commissie geen aanspraak gemaakt op verlenging van de 50 jaarstermijn. 

Reikwijdte 

De bescherming van 70 jaar geldt voor producers van de mastertapes alsook de uitvoerende muzikanten. Deze belanghebbenden zijn in de regel bij de Sena ingeschreven, zoals auteursrechthebbenden bij de Buma/Stemra. Ook remastering valt onder de reikwijdte van de gewijzigde wet. 
Een return-of-rights (terugval van rechten naar uitvoerend kunstenaar bij non-exploitatie door platenmaatschappij) bepaling en een use-it-or-lose-it clausule (verval van naburige rechten bij niet online beschikbaar maken binnen 1 jaar bij termijnverlenging) maken eveneens onderdeel uit van de wetswijziging.

Fonds 

Tenslotte komt er een fonds voor uitvoerende kunstenaars waarvan de rechten voor een one-time-fee zijn afgekocht. Zoals studiomuzikanten die zich lieten afkopen voor 100 gulden en het lied waaraan zij tijdens die memorabele middag in de studio meewerkten zagen uitgroeien tot een wereldwijde hit. Zijzelf dan wel hun erfgenamen komen na ommekomst van de oude 50-jaarstermijn (die een aanvang nam op 1 januari van het jaar volgend op de eerste fonografische vastlegging) in aanmerking voor een jaarlijks uit te keren bedrag.

Neem voor vragen over dit artikel, of over uw rechtspositie gerust vrijblijvend contact met ons op.

dinsdag 15 april 2014

Flexibel rechtenbeheer Buma

Buma/Stemra voert begin mei 2014 een opt-out systeem in dat flexibel beheer van auteursrechten mogelijk maakt. Het systeem biedt rechthebbenden de keuzemogelijkheid om 5 categorieën uit te sluiten van collectief beheer door de rechteninstantie. Daarnaast wordt het mogelijk om in de categorie online rechten bepaalde subcategorieën auteursrechten in eigen hand te houden.
 
Buma anticipeert met de invoering het nieuwe systeem op de op 26 februari 2014 aangenomen Europese Richtlijn voor collectief rechtenbeheer en multiterritoriale muzieklicentieverlening voor online toepassingen in de interne markt (Richtlijn Collectief Beheer). De Richtlijn beoogt het collectieve beheer van auteursrechten en naburige rechten en de meerlandige licentieverlening van rechten inzake muziekwerken voor onlinegebruik op de interne markt te stroomlijnen en te flexibiliseren. Uiteraard wordt er in deze Richtlijn uitgebreid aandacht besteedt aan het functioneren van de Collectieve Rechten Organisaties (CBO’s) zoals Buma, Sena, Gema, Sabam en Sacem. Een van de doelstellingen van multiterritoriaal licenseren is het vereenvoudigen van het administreren en reparteren van vergoedingen uit onlinemuziekgebruik zoals downloads en streams.

Vanwege de opzegtermijn van het Buma/Stemra lidmaatschap zullen de opt-out keuzes die met ingang van mei 2014 door aangesloten leden kunnen worden gemaakt effect hebben per 1 januari 2015. Vanaf begin volgend jaar is het derhalve mogelijk om bepaalde rechten door Buma te laten exploiteren, en de overige rechten zelf te exploiteren.

Het oude systeem van 100% beheer van auteursrechten blijft daarnaast bestaan – de opt-out betreft namelijk een keuzemogelijkheid. Ook Sena, belast met het collectief beheer van naburige rechten, zal een dergelijk systeem invoeren.

Buma zal in verband met de introductie van het opt-out systeem nieuwe gebruikersprofielen ontwikkelen die aansluiten bij de verschillende groepen rechthebbenden. Men denke daarbij aan een algemeen profiel dat auteursrechten in het online domein wel door Buma laat exploiteren, en een flexibel profiel dat ervoor kiest bepaalde rechten in eigen beheer te houden. Daarnaast worden gebruikersprofielen die gebaseerd zijn op de verschillende verschijningsvormen van flexibel beheer - met de nieuwe opt-out categorieën - noodzakelijk.

Ook gaan de auteursrechtenorganisaties bruggen slaan tussen de afzonderlijke rechthebbenden in de creatieve industrie en netwerkenmomenten organiseren waarbij kennisoverdracht over online ontwikkelingen wordt gestimuleerd. Tenslotte wordt er een kennisplatform opgericht voor music startups, gericht op innovatie en het optimaal faciliteren en stimuleren van nieuwe muziekinitiatieven.

zaterdag 12 april 2014

Downloadverbod: einde status aparte Nederland

Het Europees Hof van Justitie heeft op 10 april 2014 in de zaak ACI A’dam BV vs Stichting de Thuiskopie bepaald dat in het bedrag van de thuiskopievergoeding (de vergoeding die is verschuldigd voor het vervaardigen van kopieën voor privégebruik van een auteursrechtelijk beschermd werk) geen rekening mag worden gehouden met ongeoorloofde reproducties. Het feit dat er geen enkele technische voorziening bestaat om de vervaardiging van ongeoorloofde (illegale) privékopieën te bestrijden, kan aan deze vaststelling geen afbreuk doen. Het arrest heeft directe werking. Dat brengt met zich mee dat het illegaal downloaden van muziek, films en boeken waarop op dat moment auteursrechten rusten (dus geen publiek domein werken) - vaak via usenet en p2p-netwerken, met ingang van 10 april 2014 niet langer is toegestaan (lees: niet langer kan worden gedoogd) in Nederland. Het illegaal downloaden van software en games was altijd al ongeoorloofd en ook het aanbieden c.q. uploaden van illegale content werd in het verleden niet (“officieel”) gedoogd. Nederland liep met het gedogen van illegale downloads uit de pas en in nu door de hoogste rechtsprekende instantie van de Europese Unie op dit punt teruggefloten. 
Aanleiding voor de uitspraak van het HvJ EU vormden een drietal prejudiciële vragen van de Hoge Raad, ingediend op 26 september 2012 in de zaak ACI Adam BV e.a. tegen Stichting de Thuiskopie en de Stichting Onderhandelingen Thuiskopievergoeding (SONT). De zaak is aangespannen door een groep fabrikanten van elektronicaproducten zoals lege cd’s dvd’s (recordable) en mp3-spelers maar ook tablets, ssd-schijven, smartphones en pc’s, waaronder ACI Adam, Sony, Philips, Verbatim en Fuji.
Het Europese Hof van Justitie oordeelt dat het downloaden uit illegale bron niet geoorloofd is. Ook niet voor privégebruik. Het illegaal downloaden valt niet onder de Thuiskopieregeling.
Nederland heeft vanwege de directe werking van het arrest per 10 april 2014 een downloadverbod waar het gaat om het downloaden van auteursrechtelijk beschermd materiaal zoals muziek, literatuur en films uit illegale bron. Zou illegaal downloaden wel mogen zo oordeelt het Hof, dan moedigt een Lidstaat die deze gang van zaken in zijn jurisdictie gedoogt of een wettelijke regeling heeft die dit toestaat, de verspreiding van nagemaakte, vervalste of anderszins illegale content zelfs aan, en wordt normale exploitatie tot op zekere hoogte gefrustreerd. Het oogluikend toestaan van ongeoorloofd gebruik zou auteursrechtenschending met andere woorden bevorderen.  
Het kabinet en de Tweede Kamer beraden zich op de gevolgen dat het arrest van het Hof heeft voor de hoogte van de Thuiskopieheffing. De precieze hoogte van de Thuiskopiebijdrage komt na onderhandelingen met de belanghebbende partijen tot stand en wordt periodiek vastgesteld door de Stichting Onderhandelingen Thuiskopievergoeding (SONT). Omdat er in Nederland geen wet is die illegaal downloaden toestaat, behoeft er – zoals het zich op dit moment laat aanzien - geen wetswijziging te worden doorgevoerd. 
Het is belangrijk dat de overheid ervoor zorgt dat de afdracht aan de culturele sector door de uitspraak van het Hof van Justitie niet onder druk komt te staan. Deze sector heeft het immers al zwaar genoeg. 
De handhaving van het verbod komt niet voor rekening van de overheid, maar voor rekening van de rechthebbenden zelf. Auteursrechthebbenden zullen na inbreuk makende activiteiten zelf bij de civiele rechter een verbod dan wel schadevergoeding moeten vorderen. Illegaal downloaden wordt derhalve niet strafbaar gesteld zoals in Frankrijk. Een aantal van de belanghebbenden hebben zich verenigd in organisaties zoals Stichting Brein. Deze belangbehartigers blijven hun pijlen voorshands richten op de aanbieders van ongeautoriseerd aanbod zoals uploaders, illegale handelaars en torrentsites, en niet op de individuele downloaders van illegale content. Wat dat betreft blijft de huidige situatie goeddeels ongewijzigd. Het staat individuele rechthebbenden uiteraard vrij om het vizier wel op individuele downloaders te richten, en hen in rechte aan te spreken. In Duitsland bijvoorbeeld is dit inmiddels aan de orde van de dag. 
Na de uitspraak van het HvJ EU zijn websites en diensten die het downloaden van ongeoorloofd aanbod faciliteren eenvoudiger succesvol in rechte aan te spreken omdat niet langer behoeft te worden bewezen dat de toegang verschaffende diensten iets te maken hebben met de illegale files zelf. Deze platforms kunnen zich niet langer verschuilen achter het argument dat illegaal downloaden nu eenmaal is toegestaan in Nederland. De ISP’s blijven vooralsnog buiten schot.