Posts tonen met het label Sena. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Sena. Alle posts tonen

zondag 3 augustus 2014

Norma sluit overeenkomst met Duitse GVL

Norma (Naburige Rechtenorganisatie voor Musici en Acteurs) heeft in juli 2014 een overeenkomst gesloten met haar Duitse zusterorganisatie GVL (Gesellschaft zur Verwertung von Leistungsschutzrechten). De overeenkomst heeft terugwerkende kracht tot 1 januari 2010. Dit is een goede zaak voor Nederlandse aangesloten uitvoerende kunstenaars, waaronder muzikanten, acteurs, dansers en dirigenten. Met deze bilaterale overeenkomst zet Norma wederom een belangrijke stap naar vergroting van de incasso voor de belanghebbenden. Wederzijds bindende afspraken met Duitsland zijn van groot belang aangezien er in Duitsland vaak Nederlandse werken worden vertoond, en Nederlandse uitvoerende kunstenaars vaak meewerken aan Duitse producties. Denk hierbij bijvoorbeeld aan uitzendingen van uitvoeringen van Duitse orkesten met daarin Nederlandse musici of een Nederlandse dirigent op de bok. Of aan Nederlandse acteurs, cabaretiers, zangers en dansers die meewerken aan een Duitse audiovisuele productie.

Voor Duitse uitvoerend kunstenaars die veel met Nederland te maken hebben is dit eveneens een goede ontwikkeling: zij profiteren evenzeer van de overeenkomst die is gesloten tussen Norma en GVL over incasso van naburige rechtengelden en bijbehorende onderlinge uitwisseling van gegevens.

Het gaat hier om de incasso van vergoedingen uit naburige rechten. Iedereen die een werk van wetenschap, letterkunde of kunst opvoert, voordraagt of vertolkt is uitvoerend kunstenaar in de zin van de Wet Naburige Rechten. Deze wet beschermt de creatieve inspanningen van  uitvoerend kunstenaars (zij hebben een naburig recht op de uitvoering), zoals de Auteurswet de auteurs van de werken zelf beschermd (zij hebben als makers een auteursrecht op hun creatieve voortbrengselen).   

Dit naburige recht op de uitvoering brengt met zich mee dat toestemming van de uitvoerend kunstenaar nodig is voor het opnemen, kopiëren, exploiteren en openbaar maken (zoals op televisie uitzenden) van die uitvoering. Naburige rechten kunnen door middel van een contract geheel of gedeeltelijk worden overgedragen. Vanuit praktisch oogpunt plegen naburige rechten collectief te worden geëxploiteerd. Repartitie geschiedt vervolgens zoveel mogelijk individueel.

Norma en Sena zijn organisaties belast met de collectieve exploitatie van naburige rechten. Norma en Sena werken bovendien intensief samen: Norma heeft Sena gemandateerd om de thuiskopie- en leenrecht audiogelden (namens de bij haar aangesloten uitvoerende kunstenaars) te innen en te reparteren. Deze collectieve beheersorganisaties (CBO’s) hebben geen winstoogmerk, en maken zich - naast het innen en verdelen van thuiskopierechten, leenrechten en kabelgelden (met een minimum aan administratiekosten) - sterk voor artiestenvriendelijke wetgeving op dit vlak. Ook houden zij zich bezig met de bevordering en ondersteuning van culturele activiteiten die gericht zijn op de versteviging van de maatschappelijke positie van uitvoerende kunstenaars, zoals het organiseren van festivals (Noorderslag, ITs), het participeren in expert groups van koepelorganisaties (SCAPR, AEPO ARTIS), lobbyen bij de Europese Commissie, het voeren van onderhandelingen namens aangesloten uitvoerende kunstenaars (zoals met VODNED), kennisoverdracht aan en professionalisering van acteurs en musici (ITs Business Fair), het aanbieden van de iTunes service en het uitreiken van awards (dansprijs ITs Norma Dance Award, EBU European Jazz Competition).

Om bovenstaande, artiestenbelangen behartigende zaken te kunnen financieren, waaronder juridische kosten voor het voeren van rechtszaken waarbij Norma partij is, wordt er een klein percentage aan collectief geïnde rechten afgetrokken van de individueel te reparteren gelden. Het bestuur van Norma heeft vastgesteld dat dit bedrag dat ten goede komt aan collectieve doeleinden jaarlijks maximaal 10% mag zijn van de onder rechthebbenden te verdelen vergoedingen.

Zowel Buma/Stemra, Sena als Norma hebben door de jaren heen een uitgebreid netwerk opgebouwd van bilaterale relaties met zusterorganisaties in andere landen. Dit vergemakkelijkt de onderlinge uitwisseling en repartitie van gelden uit auteursrechten en de daaraan grenzende naburige rechten. Voor de uitwisseling van gegevens maken de zusterorganisaties gebruik van een gezamenlijke database: de International Performers Database (IPD). Om dergelijke praktische zaken nog verder te optimaliseren wordt er ook aan een nieuwe Virtual Recording and Audiovisual Database (VRDB) gewerkt.

zaterdag 28 juni 2014

Het verdienmodel van online muziekdiensten anno 2014

De wereld van online muziekservices is constant in beweging. Denk aan de beoogde overname van Beats Music door Apple, de nieuwe Youtube streaming service en Kim Dotcom’s Baboom. Dit artikel besteedt aandacht aan de wijze waarop inkomsten uit downloads en streaming anno 2014 worden verdeeld tussen music stores en artiesten.

1. Online muziekdiensten maken hoge kosten door het afsluiten van noodzakelijke licenties

Online muziekdiensten verdienen hun geld door inkomsten uit reclame, abonnementen, verkopen en sponsoring. Ze maken in de eerste jaren echter alleen maar verlies. Gedurende die periode blijven ze overeind door investeringen van derden. Online muziekdiensten hebben namelijk veel kosten omdat ze de rechten moeten verwerven van de muziek die ze willen streamen of verkopen. In Europa moeten ze daartoe overeenkomsten sluiten met (1) pan-Europese samenwerkingsverbanden tussen de major labels en collectieve beheersorganisaties (CBO’s zoals Buma/Stemra, Gema, Sacem en PRS for Music), (2) independent labels en artiesten alsook (3) de afzonderlijke CBO’s van de 27 lidstaten.

De rechten moeten voor elk land afzonderlijk worden verworven want een CBO is slechts gerechtigd licenties af te geven voor het openbaarmaken en verveelvoudigen van muziek (buiten het publiek domein) voor het eigen grondgebied. Dit brengt hoge transactiekosten voor de muziekdiensten met zich mee. Bovendien kan het jaren duren voordat een dienst in een bepaald land kan uitrollen, omdat het regelen van de benodigde rechten zo veel tijd in beslag neemt. Het is daardoor mogelijk dat een streamingdienst in Duitsland meer moet betalen dan in Nederland.

Het kan bijvoorbeeld moeilijker zijn om met Gema een deal te sluiten dan met Buma/Stemra (denk aan de langdurige en moeizame onderhandelingen tussen Youtube en het Duitse Gema). Ook is het mogelijk dat de ene muziekdienst een lagere royalty bewerkstelligt voor hetzelfde land dan een andere, concurrerende dienst. Hoe meer cash een dienst heeft hoe gemakkelijker het is om licentiedeals te kunnen sluiten. Voor music startups zonder kapitaal die wereldwijd willen uitrollen is rechtenverwerving nagenoeg onmogelijk. Dat is vergelijkbaar met een hordeloper die niet hoog genoeg kan springen. Google Play is per 1 okt 2013 in Nederland gestart. iTunes Radio draait thans in de VS en Oceanië, en wordt medio 2014 in Nederland verwacht. Zo snel (voor muziekdienst begrippen) vanwege de enorme wallet-power van Apple.

Pandora is vanwege het ontbreken van de benodigde licenties alleen actief in de VS en Oceanië. De muziekservice die zij aanbieden noemt men (non-terrestrial) streaming radio of webcasting (zoals Live365, iHeartRadio of SiriusXM), in tegenstelling tot interactieve streaming (of on demand streaming) zoals Spotify of Deezer. Op dit belangrijke verschil kom ik hieronder terug.

De muziekdiensten zoals Spotify en Deezer hebben in Nederland geen licentie nodig van Sena omdat deze CBO (nog) geen mandaat heeft voor de exploitatie van interactieve (on-demand) streamingrechten. Voor toestemming en de betaling van een billijke vergoeding moeten ze bij de NVPI (of de artiest / producer zelf) zijn. Pandora zou in Nederland wel een licentie van de Sena nodig hebben: webcasting valt namelijk wel onder het mandaat.

In de VS is het weer anders geregeld: daar betalen non-interactieve services zoals Pandora de streaming royalties van de uitvoerende muzikanten en de producenten (digital public performance royalties) aan SoundExchange. Pandora, SiriusXM, iHeartRadio en iTunes Radio behoeven, in tegenstelling tot on demand diensten zoals Spotify, Deezer en Amazon Prime Music in de VS geen mechanische rechten af te dragen. Belangrijk verschil met de VS is bovendien dat producenten een auteursrecht hebben op de master, in plaats van (slechts) een naburig recht. Een treffend voorbeeld dat aangeeft hoe verschillend de zaken op dit moment zijn geregeld en hoe belemmerend dat kan werken.

2. Nieuwe sterren aan het digitale firmament
                                      
Nieuwe sterren aan het digitale firmament zijn Baboom van Kim Dotcom, Beats Music van Dr. Dre en Jimmy Iovine, en de Youtube streaming service van Google. Baboom zetelt in Nieuw-Zeeland en is een reactie op iTunes en Spotify. Een hybride concurrent die zowel downloads als streaming zal gaan aanbieden. Het beoogt een volledig legale muziekdienst te worden. Evenals bij Spotify zal er een freemium model worden gehanteerd. De dienst wordt browser based, gaat hoge kwaliteit audio aanbieden (FLAC, lossless audio) en zal voornamelijk op ads gaan draaien.

Beats Music (voorheen Daisy) is een online streaming service van Beats Electronics. De muziekdienst is grotendeels gebaseerd op het MOG Music Network, is interactief en een directe concurrent van Spotify en Deezer. Mede omdat Apple nog geen eigen on demand streaming service had (wel een download store en gratis, op advertenties gebaseerde internet radio), heeft het op 28 mei 2014 aangekondigd Beats Electronics voor zo’n 3 miljard dollar te willen overnemen. Beats Electronics produceert ook de populaire hoofdtelefoons en is eigenaar van het merk Beats. Op dit moment heeft Beats Music enkel licenties voor de VS en Oceanië (Australië en Nieuw-Zeeland).

Google komt ook met een on demand streaming service. Momenteel zijn er geen details beschikbaar over functionaliteit of de abonnementskosten. Duidelijk is dat de dienst via Youtube loopt, dat men zich ervoor dient in te schrijven en dat er interactief muziek kan worden beluisterd door streaming, mede in combinatie met video. Google is op dit moment in onderhandeling met de platenlabels (zowel de grote maatschappijen als de kleinere independent labels) en de CBO’s over de te betalen auteursrechtenvergoedingen. Vanwege zijn alomtegenwoordigheid heeft Google een zeer sterke onderhandelingspositie, misschien nog wel sterker dan Apple. Beide bedrijven hebben daarnaast een enorme wallet-power.

Wanneer en of deze diensten in Nederland verkrijgbaar zullen zijn is nog niet bekend. De Europese Commissie spreekt zich voor 1 augustus 2014 uit over de toelaatbaarheid van de overname (mededinging, concurrentiepositie) van Beats Electronics door Apple, en het zal voor Baboom niet eenvoudig zijn de benodigde licenties af te sluiten met de verschillende performance rights organizations. Naar alle verwachting worden Beats Music en de Youtube subscription service in 2014 of 2015 in Nederland uitgerold.

3. Hoeveel (of weinig) verdienen artiesten als hun muziek wordt gedraaid op een online muziekdienst?

a. Streams of downloads: Het is daarbij allereerst van belang onderscheid te maken tussen streams en downloads. Bij downloads koop je een track (de track zelf, niet de intellectuele eigendomsrechten), bij streams lease je hem als het ware. Streams leveren een artiest doorgaans veel minder op dan downloads. Traditionele download stores zijn iTunes, Amazon, Beatport, Bandcamp en eMusic.

b. Interactive of non-interactive streaming: Een ander belangrijk onderscheid is te maken tussen  interactieve streaming / on demand diensten en non-interactieve diensten, (maatwerk en controle op het aanbod (“pick and choose”) voor 1 specifieke luisteraar versus simultaan en gericht op een breder publiek ineens) zoals internetradio. Dit onderscheid is van belang voor de afzonderlijke rechten, zoals de mechanische reproductierechten en de openbaarmakingsrechten, die door een dienst moeten worden afgedragen. Bekende interactieve streaming diensten zijn Spotify, Deezer, Beats Music, Rdio, Grooveshark, Rhapsody en Google Play. Ook de nieuwe Youtube streaming service en Kim Dotcom’s Baboom worden on demand platforms. Voorbeelden van non-interactieve diensten zijn Pandora, Live365, SiriusXM (satelliet radio), Jango en iTunes Radio.

c. Hoeveel levert een stream op voor een artiest? Hoeveel er per play door een store wordt uitgekeerd fluctueert en is voor een groot afhankelijk van advertentie inkomsten. Dus ook van het tijdstip waarop een liedje wordt gestreamd. Spotify heeft daar bepaalde algoritmen voor. Daarnaast zijn er (confidentiële) afspraken tussen de verschillende partijen (tussen de streamingdiensten, de grote platenlabels en de CBO’s). Confidentieel omdat openbaarmaking van de afspraken hun onderhandelingspositie zou kunnen ondermijnen. Ook is het afhankelijk van de vraag of er on demand of juist non-interactief wordt gestreamd. Door de bank genomen kan men stellen dat een artiest die alle rechten in eigen hand heeft voor 100 streams of plays zelf in totaal tussen de 0,05 en de 0,50 cent verdient. Dus in het beste geval 500 euro voor 100.000 plays. Het is voor artiesten derhalve nagenoeg onmogelijk om rond te komen van inkomsten uit streaming. 
  
d. Aggregators: Wil je je muziek op iTunes of Spotify krijgen dan gebeurt dit in de regel via zogenaamde digital distributors of aggregators: Tunecore, CDBaby, Awal, IODA/The Orchard, ReverbNation, Songcast, MondoTunes or DittoMusic. Ook de aggregators ontvangen een gedeelte van het geld afkomstig van de muziekdienst. Vaak is dit tussen de 10 en de 15%. Alleen de grote labels (Sony/EMI, Warner en Universal) doen direct, dus zonder tussenkomst van een digital distributor zaken met de online muziekdiensten.
 
e. Weerzin tegen Spotify: De grote platenmaatschappijen hebben Spotify geholpen om wereldwijd uit te rollen en uit te groeien tot de bekende muziekdienst die het tegenwoordig is. Zij zijn inmiddels de grootaandeelhouders van Spotify, hebben een winstaandeel in deze “all you can eat” muziekdienst en zullen in de loop der jaren steeds ongelijkmatiger profiteren zonder dat hun artiesten, indie labels en onafhankelijke artiesten daar veel van zullen terug zien. Nieuwe bands krijgen een lager bedrag per stream van Spotify dan gevestigde namen. Thom Yorke, David Byrne en een aantal kleinere labels hebben hun muziek om die reden van Spotify afgehaald. Andere artiesten zoals Pink Floyd vinden het Spotify freemium model (probeer gratis een beperkte versie en betaal later voor een uitgebreidere versie) juist geweldig. De meeste download stores hanteren daarentegen nog het “good old” single en album model.

Het is in het licht van dit alles dan ook de vraag of artiesten en kleinere labels er bij zijn gebaat dat Eurocommissaris Digitale Agenda Neelie Kroes zich mede door de oprichters van Spotify laat adviseren over de uitdagingen die er momenteel liggen op het gebied van de versnipperde rechtenproblematiek door het ontbreken van een gezamenlijke Europese telecommunicatiemarkt.

4. Wetgeving probeert technologische ontwikkelingen bij te benen

De technologische ontwikkelingen in de muziekindustrie volgen elkaar in een duizelingwekkend tempo op. Het is een welhaast onmogelijke uitdaging voor de wetgever om tijdig op te anticiperen op een alsmaar evolverend digitaal landschap. Oude wetten die niet zijn toegesneden op nieuwe mainstream technologieën moeten worden aangepast of door de rechter ex nunc worden geïnterpreteerd.

Ook Europese Richtlijnen, de implementatie daarvan door de nationale wetgever en de interpretatie daarvan door rechters en uiteindelijk het Europees Hof van Justitie, zijn niet altijd even gemakkelijk in staat een snel en adequaat antwoord te bieden op juridische problemen die ontstaan uit, of grondrechten die in het gedrang komen door voortschrijdende technologie. Wetgevingsprocessen nemen doorgaans veel tijd in beslag. Deze problematiek vereist een actieve rol van de rechter.

5. Stel dat zo'n muziekdienst 1 euro krijgt voor een gedownload liedje, en de artiest krijgt er 5 cent voor. Waar blijft de rest van het geld dan?

Dat is afhankelijk van een aantal zaken, zoals de vraag of de artiest bij een label zit, independent is en of hij is aangesloten bij een collectieve rechtenorganisatie. En uit welk land hij komt (in welke jurisdictie hij zich bevindt) want er bestaan wereldwijd belangrijke verschillen in de wijze waarop er met auteursrechten wordt omgegaan. Daarnaast is het afhankelijk van de distributiedeal die de artiest heeft gesloten waarin zijn aandeel in de royalty is bepaald. Ook zijn de exploitatierechten vaak territoriaal opgesplitst. Het kan ook afhankelijk zijn van de reclame die wordt vertoond gedurende de play. Bovendien is het afhankelijk van het feit of de artiest zijn werken zelf heeft geschreven of met anderen (songtekst, muziek).

Eveneens is het van belang of de artiest ook eigenaar van de master is. We maken in Nederland namelijk onderscheid tussen auteursrechten (rechten op de compositie i.e. muziek en tekst) en naburige rechten (rechten op de master, dus de sound recording / geluidsopname zelf). Vaak hebben uitvoerende muzikanten en de producer dan wel het label naburige rechten op de sound recording. Sena regelt de naburige rechten van artiesten en producers. Buma/Stemra de auteursrechten op het onderliggende muzikale werk. Binnen Buma/Stemra regelt Buma de openbaarmakingsrechten en Stemra de mechanische rechten.

Niet aangesloten artiesten regelen dit zelf. Omdat de digital stores de muziekuitvoeringsrechten en de mechanische reproductierechten direct aan de CBO’s betalen (of aan de majors), lopen deze ongebonden artiesten deze rechteninkomsten vaak mis. De stores betalen een deel van deze rechten derhalve niet aan de individuele rechthebbenden direct uit. Het geld dat hierdoor aan de strijkstok blijft hangen wordt door de CBO’s zoals Buma/Stemra - als het goed is - aan de labels en artiesten die wel bij hun zijn aangesloten gereparteerd. We hebben het hier over een klein percentage van de waarde van de download in dit specifieke geval: zo’n 10%. Ben je geen lid van Buma/Stemra en heb je in een jaar 1000 (duizend) euro verdiend aan downloads, dan zou het dus goed kunnen zijn dat je zo’n 100 (honderd) euro bent misgelopen aan royalties. Een bedrag dat ongeveer gelijk staat aan het Buma/Stemra inschrijfgeld.

De vraag naar de hoogte en de verdeling van de royalties is derhalve van een myriade aan factoren en omstandigheden afhankelijk, zoals het aantal rechthebbenden, muziekcontracten, alsmede de partij die de distributievoorwaarden heeft uitonderhandeld, en kan slechts per geval afzonderlijk worden beantwoord. Tenslotte is het afhankelijk van de muziekdienst zelf: de ene betaalt meer dan de andere. De ene heeft andere deals met de collectieve rechtenorganisaties en de platenlabels gesloten dan de andere. Door de bank genomen kan men stellen dat een artiest voor een iTunes download van 1 euro zelf tussen de 5 en de 60 cent verdient. Ongeveer 30 cent gaat naar iTunes zelf. Grofweg levert een stream honderd keer zo weinig op als een download.

6. Het is duidelijk geworden dat het moeilijk is om een inkomen te vergaren door middel van downloads en streaming. Hoe zouden artiesten meer kunnen verdienen met hun muziek?

Als er, mede onder invloed van geharmoniseerde wetgeving op dat vlak, een ander, artiestenvriendelijker verdienmodel ontstaat en artiesten krijgen waar ze daadwerkelijk recht op hebben. Zolang dat nog niet het geval is hieronder een aantal tips:

door muziek in games te krijgen;
door meer live op te treden;
door muziek in compilatie cd’s op te laten nemen;
door hun muziek naar DJ’s en radio stations te zenden, op cd of mp3;
door fan gerichte DIY promotion, zoals het werken met emaillijsten;
door muziek exclusief op vinyl uit te brengen en niet op streaming diensten;
door aan het Partner Programma van Youtube deel te nemen (direct Content ID deal);
door merchandise uit te geven;
door zich in te schrijven bij Buma/Stemra en Sena;
door muzikaal ondernemerschap te betrachten;
door een remix competitie van je eigen track uit te schrijven;
door in contact te treden met fans die tracks delen / reposten op SoundCloud;
door voor andere artiesten muziek en tekst te schrijven;
door wurgcontracten met platenlabels niet te ondertekenen;
door muziek in audiovisuele producties zoals films, tv series, documentaires en reclames geplaatst te krijgen middels licentieovereenkomsten zoals een synchronisatielicentie;
door zich bij onderhandelingen over muziekcontracten te laten bijstaan door een competent jurist;
door nog betere muziek te schrijven;
door constant te netwerken.

woensdag 21 mei 2014

Verlenging beschermingsduur Wet Naburige Rechten van 50 naar 70 jaar per 1 november 2013

Wetswijziging  

Vanwege de implementatie van de gewijzigde Europese Richtlijn 2006/116/EG betreffende de beschermingsduur van het auteursrecht en bepaalde naburige rechten (Richtlijn 2011/77/EU van het Europees Parlement en de Europese Raad van 27 september 2011) is de beschermingstermijn van de Wet Naburige Rechten verlengd van 50 naar 70 jaar. De wetswijziging is op 9 oktober 2013 in Nederland doorgevoerd. De nieuwe termijn van 70 jaar gaat op zijn vroegst gelden vanaf 1 januari 2014 en heeft gedeeltelijke terugwerkende kracht. De nieuwe termijn geldt voor nieuwe muziekproducties en voor producties waarvan de 50-jaarstermijn op 1 november 2013 nog niet is verstreken (art. 12 Wnr). Voor de Nederlandse situatie betekent dit dat producties vanaf 1964 verlengde bescherming genieten (een uitvoering of productie uit 1964 zal tot 2034 worden beschermd). Hiermee wordt de beschermingsduur van naburige rechten voor een aantal gevallen gelijkgetrokken met de beschermingsduur van auteursrechten. De nieuwe termijn van 70 jaar geldt niet voor producties waarbij sprake is van een combinatie van geluid en beeld (synchronisatie). Dus niet voor audiovisuele producties als een DVD van een concertregistratie, een documentaire of een film, maar wel voor een audio cd of een mp3 stream of download

Ratio 

De ratio voor de verlenging is tweeledig. In de eerste plaats is er het inkomensgat: belanghebbenden kunnen vanwege de 50-jaarstermijn niet gedurende hun hele leven profiteren van inkomsten van hun uitvoering of productie. Mensen die hebben meegewerkt aan succesvolle producties van voor 1963 hebben anno 2013 inmiddels te maken met een verstreken termijn. Daarbij gaat het om hits die nog altijd populair zijn van artiesten als Willy Alberti, Ria Valk, Johnny Hoes, Max van Praag, Anneke Gronloh, Spelbrekers en de Zangeres Zonder Naam. Voor producties vanaf 1964 geldt straks de verlengde termijn van 70 jaar (art. 12 lid 3 Wnr). Gevolg hiervan is dat deze producties minder snel in het publieke domein zullen vallen. Producers van elektronische muziek zijn daarnaast op steeds jongere leeftijd in staat inkomen te genereren uit door hun vervaardigde fonogrammen. Mensen worden in zijn algemeenheid bovendien steeds ouder.  
In de tweede plaats het continuïteitsargument: de Europese Commissie is van mening dat de extra inkomsten die platenproducenten ontvangen door verlenging van de termijn zullen worden geïnvesteerd in nieuw talent. Bovendien is de oprekking van een termijn mede een compensatie voor gedaalde inkomsten vanwege peer-to-peer uitwisseling van muziekbestanden. De filmindustrie en de omroepen hebben volgens de Commissie geen aanspraak gemaakt op verlenging van de 50 jaarstermijn. 

Reikwijdte 

De bescherming van 70 jaar geldt voor producers van de mastertapes alsook de uitvoerende muzikanten. Deze belanghebbenden zijn in de regel bij de Sena ingeschreven, zoals auteursrechthebbenden bij de Buma/Stemra. Ook remastering valt onder de reikwijdte van de gewijzigde wet. 
Een return-of-rights (terugval van rechten naar uitvoerend kunstenaar bij non-exploitatie door platenmaatschappij) bepaling en een use-it-or-lose-it clausule (verval van naburige rechten bij niet online beschikbaar maken binnen 1 jaar bij termijnverlenging) maken eveneens onderdeel uit van de wetswijziging.

Fonds 

Tenslotte komt er een fonds voor uitvoerende kunstenaars waarvan de rechten voor een one-time-fee zijn afgekocht. Zoals studiomuzikanten die zich lieten afkopen voor 100 gulden en het lied waaraan zij tijdens die memorabele middag in de studio meewerkten zagen uitgroeien tot een wereldwijde hit. Zijzelf dan wel hun erfgenamen komen na ommekomst van de oude 50-jaarstermijn (die een aanvang nam op 1 januari van het jaar volgend op de eerste fonografische vastlegging) in aanmerking voor een jaarlijks uit te keren bedrag.

Neem voor vragen over dit artikel, of over uw rechtspositie gerust vrijblijvend contact met ons op.

dinsdag 15 april 2014

Flexibel rechtenbeheer Buma

Buma/Stemra voert begin mei 2014 een opt-out systeem in dat flexibel beheer van auteursrechten mogelijk maakt. Het systeem biedt rechthebbenden de keuzemogelijkheid om 5 categorieën uit te sluiten van collectief beheer door de rechteninstantie. Daarnaast wordt het mogelijk om in de categorie online rechten bepaalde subcategorieën auteursrechten in eigen hand te houden.
 
Buma anticipeert met de invoering het nieuwe systeem op de op 26 februari 2014 aangenomen Europese Richtlijn voor collectief rechtenbeheer en multiterritoriale muzieklicentieverlening voor online toepassingen in de interne markt (Richtlijn Collectief Beheer). De Richtlijn beoogt het collectieve beheer van auteursrechten en naburige rechten en de meerlandige licentieverlening van rechten inzake muziekwerken voor onlinegebruik op de interne markt te stroomlijnen en te flexibiliseren. Uiteraard wordt er in deze Richtlijn uitgebreid aandacht besteedt aan het functioneren van de Collectieve Rechten Organisaties (CBO’s) zoals Buma, Sena, Gema, Sabam en Sacem. Een van de doelstellingen van multiterritoriaal licenseren is het vereenvoudigen van het administreren en reparteren van vergoedingen uit onlinemuziekgebruik zoals downloads en streams.

Vanwege de opzegtermijn van het Buma/Stemra lidmaatschap zullen de opt-out keuzes die met ingang van mei 2014 door aangesloten leden kunnen worden gemaakt effect hebben per 1 januari 2015. Vanaf begin volgend jaar is het derhalve mogelijk om bepaalde rechten door Buma te laten exploiteren, en de overige rechten zelf te exploiteren.

Het oude systeem van 100% beheer van auteursrechten blijft daarnaast bestaan – de opt-out betreft namelijk een keuzemogelijkheid. Ook Sena, belast met het collectief beheer van naburige rechten, zal een dergelijk systeem invoeren.

Buma zal in verband met de introductie van het opt-out systeem nieuwe gebruikersprofielen ontwikkelen die aansluiten bij de verschillende groepen rechthebbenden. Men denke daarbij aan een algemeen profiel dat auteursrechten in het online domein wel door Buma laat exploiteren, en een flexibel profiel dat ervoor kiest bepaalde rechten in eigen beheer te houden. Daarnaast worden gebruikersprofielen die gebaseerd zijn op de verschillende verschijningsvormen van flexibel beheer - met de nieuwe opt-out categorieën - noodzakelijk.

Ook gaan de auteursrechtenorganisaties bruggen slaan tussen de afzonderlijke rechthebbenden in de creatieve industrie en netwerkenmomenten organiseren waarbij kennisoverdracht over online ontwikkelingen wordt gestimuleerd. Tenslotte wordt er een kennisplatform opgericht voor music startups, gericht op innovatie en het optimaal faciliteren en stimuleren van nieuwe muziekinitiatieven.